Bezoek

De Kruidentuin


De kruidentuin van Orval werd pas laat aangelegd en dateert ten vroegste uit 1774. De « botanische tuin » van de abdij, die hieraan voorafging, was een omheinde ruimte in de zuidoostelijke hoek van de portiersloge waar een tuinman enkele perzikbomen en een bedje asperges verzorgde.

Op het voorplein van de vleugel met het gastenverblijf, dat werd gerestaureerd ter herdenking van apothekerbroeder Antoine Perrin (1738-1788), werd een middeleeuwse tuin aangelegd. In de Middeleeuwen koos de tuinman de planten die hij kweekte enkel in functie van hun onmiddellijk nut: geneeskrachtige planten, verfplanten, voedende planten, kruidenplanten, aromatische planten en, minder vaak, sierplanten. De middeleeuwse tuin heeft bijgevolg geen specifieke plattegrond, maar bestaat uit een « vierkante » geometrische basisvorm door een muur of een afsluiting omringd. Als dit kwadrant met gazon bezaaid was, werd dit ook « courtil » of « préau » genoemd.  Om de tuin te vergroten, volstond het vakjes naast elkaar toe te voegen, rond het huis. Elk vakje in het dambord dat op die manier ontstond, bevatte een bepaalde plantenvariëteit. Vandaar de uitdrukking « een peren- of een koolbed zaaien of planten » die wordt gebruikt door de liefhebbers van een moestuintje.


Urinedrijvende middelen

Urinedrijvende planten bevorderen een goede vochtinbreng, werken ontzurend  en helpen om afvalstoffen uit onze organen af te voeren. 
Al vele eeuwen staat de zwarte aalbes (Ribes nigrum L.) bekend als zeer probaat tegen diarree, keelpijn of infecties van de luchtwegen. Zowel de wortels als de bladeren worden gebruikt om remedies te bereiden tegen reumatische of artritisklachten, en in het bijzonder om jicht te verlichten. Aan de basis van één van de momenteel meest verbreide geneesmiddelen ligt acetosol, dat te vinden is in de essentiële olie van moerasspirea (Filipendula ulmaria L. of Spirea ulmaria L.). Het geneesmiddel in kwestie dankt er zijn wetenschappelijke benaming aan: spirea werd ‘aspirine’. Omwille van zijn geurige parfum werd de plant vroeger gebruikt om bier te parfumeren. Pas omstreeks 1850 werden zijn heilzame eigenschappen tegen reuma en zijn urinedrijvende kenmerken weer in de kijker geplaatst."



De spijsvertering


Planten zijn altijd al kostbare bondgenoten gebleken om de spijsvertering goed te doen werken. Ze wekken de eetlust op, zijn krampstillend of gaan zuur tegen en voorkomen of verlichten dus heel wat ongemakken die kunnen ontstaan door angstgevoelens of overdadig eten.
Angelica (Angelica archangelica L.) is de belangrijkste plant voor de spijsvertering en tegen darmkrampen. Hij wordt algemeen erg gewaardeerd als middel om te verkwikken en tegen vermoeidheid. Naar verluidt zouden zijn weldoende eigenschappen bij de mensen ingefluisterd zijn door een engel, vandaar ook de naam engelwortel. Bovendien zijn de gekonfijte stelen erg lekker in suikerwaren. Het nog meer bekende citroenkruid (Mellissa officinalis L.) bedaart dan weer maagkrampen.   



De ademhaling
Tal van planten in deze categorie zijn rijk aan aromatische stoffen die essentiële oliën opleveren en voor alle luchtwegen geschikt zijn. De verzachtende eigenschappen van andere planten zullen aandoeningen aan de keel en de huid verlichten. 
De grote weegbree (Plantago major L.) komt vaak voor in onze tuinen. De Latijnse naam zou ook ‘plant die werkt’ betekenen. De weegbree bedaart keelpijn, is helend voor huidaandoeningen, oogontstekingen en stilt pijn door insectenbeten. Het is geen toeval dat hij vaak in de buurt van netels te vinden is, want hij doet netelbrand meteen afnemen.
De Romeinen gebruikten tijm (Thymus vulgaris L.) om hun woonruimtes te zuiveren. In de Middeleeuwen stond deze plant symbool voor moed. Tijm is ook erg in trek om gerechten te kruiden, maar is daarnaast een natuurlijk antiseptisch middel dat toegepast wordt tegen typische winterkwalen en bovendien ontspannend werkt.
In de strijd tegen luchtweginfecties is lavendel (Lavendula officinalis L.) meer dan eens doeltreffend gebleken. Daarnaast is lavendel uitstekend om brandwonden en spierkrampen te verzachten.  



De bloedsomloop


Elke menselijke activiteit, zowel lichamelijk als geestelijk of gevoelsmatig of creatief, gaat meer of minder van het hart uit. Van in de oudheid schreven geneesheren zoals Plinius, Galenos of Hippocrates planten voor om de bloedsomloop letterlijk in goede banen te leiden.
De eenstijlige meidoorn (Crataegus monogyna L.) heeft tal van geneeskrachtige eigenschappen die het hart ten goede komen, en werkt onder meer prima tegen hartkloppingen of te hoge bloeddruk. Het verhaal gaat dat zijn doornen zouden gediend hebben om de kroon van Christus te vlechten.  
Het duizendblad (Achillea millefolium L.) dankt zijn naam aan de legende dat Achilles het op advies van de Centauren gebruikte om gewonde krijgers te verzorgen. Tot in de negentiende eeuw benutten soldaten zijn helende en ontsmettende eigenschappen, vandaar dat het ook vaak «soldatenkruid» genoemd wordt.

Andere planten die de bloedsomloop bevorderen, zijn hop (Humulus lupulus L.) of lievevrouwebedstro (Galium odorata L.). Deze planten zijn in onze streken uiteraard erg bekend voor hun bijdrage tot zeer gesmaakte dranken, namelijk bier en maitrank. 



Het zenuwstelsel


De plantaardige wereld bulkt van de weldaden. Sommige planten zijn heuse schatten, maar om hun eigenschappen maximaal te benutten, is grote voorzichtigheid geboden. De kruidenleer vereist tal van bereidingen en zeer nauwkeurige doseringen. Sommige delen van eenzelfde plant zijn bruikbaar, terwijl andere beter vermeden worden. Zo kan een gewone aanraking met een giftige soort soms ernstige stoornissen veroorzaken.
Vingerhoedskruid (Digitalis purpurea L.) is een zeer efficiënt opwekkend middel om de hartslag te stimuleren, omdat het digitaline bevat, maar het kan zeer giftig zijn in natuurlijke staat. Het inslikken van zijn verse blaadjes zal een ernstige vergiftiging en soms zelfs de dood veroorzaken.
De bladeren van klimop (Hedera helix L.) zijn bij uitwendig gebruik heilzaam tegen zweren en likdoorns. Ze zouden ook goed zijn tegen infecties van de luchtwegen. Maar bij gevoelige personen kan contact met de huid tot een allergische reactie leiden en de inname van blaadjes in een hoge dosis zal rode bloedcellen vernietigen. De bessen van klimop zijn nog gevaarlijker, vooral voor kinderen die spijsverteringsproblemen zullen krijgen die met braken en diarree gepaard gaan.
De vuistregel om elk ongemak te vermijden, is nooit op eigen houtje geneeskrachtige planten gebruiken, maar altijd eerst advies inwinnen van een deskundige in de ‘simplicis medicinae’.


Openingsuren toegang tot de ruïnes, museum en de winkel :

  • Winter : (november - februari) : 10.30 - 17.30 uur.
  • Tussenseizoen : 9.30 - 18.00 uur.
  • Zomer (juni - september) : 9.30 - 18.30 uur.

Inkomprijs :

  • Volwassenen : 6,00 €
  • Korting senioren, studenten : 5,00 €
  • Groepen (meer dan 20 personen) : 4,50 €
  • Groepen senioren, studenten : 4,00 €
  • Kinderen (7 tot 14 jaar) : 3,00 €

Abbaye d'Orval
B-6823 Villers-devant-Orval

ruines@orval.be

Tél [32] 61.31.10.60 Fax [32] 61.32.51.46



∧ top