|
Museum
van geschiedenis, ijzer - en staalbewerking, religieuze kunst
Het museum is in meer dan één
opzicht origineel te noemen. Eerst en vooral is het heel bijzonder
gelegen, namelijk in de gewelfde kelders uit de achttiende eeuw.
Zo belandt de bezoeker meteen tussen de enige resten van de neoclassicistische
gebouwen die werden opgetrokken op basis van de plannen van architect
Laurent-Benoît Dewez en die als fundering dienden bij de
heropbouw van Orval in het begin van de twintigste eeuw.
De collecties van het museum van Orval
werden samengebracht voor de tentoonstelling rond de negenhonderdste
verjaardag in 1970. De eerste monniken streken er inderdaad al
in 1070 neer. De collecties zijn ingedeeld in drie secties :
architectuur, ijzer- en staalbewerking en religieuze kloosterkunst.
De geschiedenis van de architectuur van de
Abdij wordt geschetst aan de hand van een aantal maquettes. Een
ervan toont de staat van het klooster net voor het tijdens de
Revolutie van 1793 met de grond gelijk werd gemaakt. In die tijd
paalden twee gehelen van gebouwen aan elkaar : de oude middeleeuwse
abdij en het nieuwe complex dat Laurent Benoît Dewez bouwde.
De steengehouwen overblijfselen vertonen stijlkenmerken van verschillende
tijdperken, van de preromaanse kapitelen tot de barokke engeltjes.
Er zijn ook typische cisterciënzer-elementen te vinden :
tegels, houten buisleidingen en vooral een 'akoestische vaas',
een zeldzaam stuk dat zich in een wand van het kerkkoor bevond.
Dit vertelt hoe sterk de
cisterciënzermonniken uit de twaalfde eeuw er mee waren
begaan om hun gezang zo mooi mogelijk te laten klinken.
- De sectie ijzer- en staalbewerking
omvat een mooie collectie schoorsteenplaten die in de ijzersmelterijen
van Orval werden vervaardigd. Ook zeker het bekijken waard, zijn
het kunstsmeedwerk en allerlei keukengerei van gietijzer. Dit
museumgedeelte wil didactischer zijn, onder meer met een blik
op de hoogovenruimte, ertsmonsters
- De sectie religieuze kunst groepeert
de mooiste stukken uit de " art deco "- tijd, die samenviel
met de heropleving van het kloosterleven in Orval, vanaf 1926.
Er zijn ook enkele oudere stukken tentoongesteld, onder meer
een prachtige voluut van een abdijkruis, een mooi voorbeeld van
de edelsmeedkunst van broeder Arman Robin, die monnik was in
de achttiende eeuw.
Aan de hand van de
tentoongestelde werken maakt de bezoeker kennis met een aantal
spilfiguren : broeder Abraham
Gilson en zijn doeken uit de achttiende eeuw, broeder Antoine
Perrin en zijn bundel klinische waarnemingen, en tot slot Dom
Marie Albert Van der Cruyssen, de abt die Orval heropbouwde.
Apotheekmuseum
Naast de tuin van de geneeskrachtige planten, werd
in een gebouw de apothekerswerkplaats ingericht zoals in de achttiende
eeuw, ten tijde van broeder Antoine Perrin, apotheker. Orval
stond bekend om zijn helende drankjes, zoals het wondwater. De
collectie toont een reeks voorwerpen die te pas kwamen bij de
bereiding van de geneesmiddelen : stamper, pillenvormer, een
versierde weegschaal met afbeeldingen, maar ook voor de verzorging,
zoals een bloedzuigerspuit. Een mooie set van keramieken kommen
diende voor de bewaring van de kruiden. |
|
Openingsuren (toegang tot de
ruïnes en museum) :
- Winter (november - februari) : 10.30 - 17.30 uur.
- Tussenseizoen : 9.30 - 18.00 uur.
- Zomer (juni - september) : 9.30 - 18.30 uur.
Inkomprijs
:
- Volwassenen : 5,50
- Korting senioren, studenten : 5,00
- Groepen (meer dan 20 personen) : 4,50
- Groepen senioren, studenten : 4,00
- Kinderen (7 tot 14 jaar) : 3,00
Tentoonstelling : |
|